Terwijl de coronaverhoren in de Tweede Kamer beginnen, legt journaliste Eva Munnik (49) in haar boek De Covidstaat uit waarom kritische stemmen tijdens de coronapandemie volgens haar te weinig ruimte kregen. Ook kijkt ze naar wat dat betekent bij een volgende pandemie.
Kinderen met een leerachterstand, jongeren met suïcidale gedachten tijdens corona. Ouderen die stierven zonder hun naasten en ondernemers die failliet gingen. Hoe kijken we op (het beleid rond) Covid terug? Een parlementaire enquêtecommissie bespreekt dat sinds gisteren met tientallen hoofdrolspelers. Munnik doet hetzelfde in haar boek De Covidstaat, op haar eigen manier. „Nee, De Covidstaat is geen complottheorie.”
Wat mocht er toen – en nu nog steeds – níét gezegd worden? Dat is zo’n beetje de kern van het boek van Eva Munnik uit Amsterdam in één zin. Zij werkte tijdens de eerste jaren van corona, een ingrijpend kantelpunt voor veel Nederlanders als het om angst, ziekte, dood en onvrijheid ging, onder meer bij het NOS Journaal. Daarin zagen we telkens dezelfde corona-gezichten, net als bij talkshows als Op1. De journaliste vertelt hoe zij die tijd zelf heeft ervaren, maar interviewde voor De Covidstaat ook veel „gerespecteerde experts die tijdens de coronacrisis nauwelijks toegang kregen tot de politieke besluitvorming en publieke discussie”.
Na corona komt er ‘gegarandeerd een volgende pandemie’
Metro sprak met Eva Munnik over haar boek. Zelf schrijft zij ook voor deze titel trouwens, onder andere een serie over vrouwen die berooid achterbleven na een scheiding. De Covidstaat gaat echter over iets heel anders. Munnik over haar doel: „Er komt gegarandeerd een volgende pandemie. En dan moeten we het anders doen.” Zij sprak zich op – toen nog – Twitter al snel over het gevoerde beleid uit, toen corona in 2020 in ons leven kwam. Dat werd haar vaak niet in dank afgenomen.
Eva Munnik is geen corona-ontkenner
Even richting de lezers voor de duidelijkheid: ik heb met jou niet te maken met een corona-ontkenner, hè?
Eva Munnik: „Nee hoor en jammer eigenlijk dat je dat er gelijk bij moet zetten. Maar ik snap het. Zodra je ook maar een beetje ‘iets anders’ vond, werd je gelijk een gekkie, wappie of corona-ontkenner genoemd. Ik ben dat niet, ik ben niet anti-vax en ben destijds ook niet hoestend en niezend over straat gegaan. De mensen die ik voor De Covidstaat sprak, zijn ook geen mensen die geloven dat corona niet bestaat, het maar een griepje vonden of vonden dat de pandemie allemaal onzin was. Je uitspreken vond ik juist wel stoer in die tijd, maar ‘wappie’ werd een soort containerbegrip voor alles wat afweek. Waar het mij in het boek om gaat, is dat er helemaal geen ruimte was voor andere visies, meningen en kennis. Dat was heel zonde.”
Een boek was door je rol in de journalistiek bij de NOS niet echt een doel, maar nu is De Covidstaat er toch.
„Ja, als journalist moest ik een beetje afstand kunnen nemen. Maar het is nu vijf, zes jaar geleden dat het met corona allemaal begon, dan heb je het inmiddels wat kunnen laten zakken. Met het oog op die corona-enquêtecommissie dacht ik: ja, ik ben er nu wel klaar voor. Ik vond het toch belangrijk om op te schrijven. Zelf heb ik veel kennis en inzichten en ook interessante deskundigen kunnen spreken. Het zou zonde zijn om hun kennis niet objectief en onafhankelijk te verzamelen in een boek. Tegelijkertijd ben ik me bewust van mijn eigen vooroordelen hoor, die heeft iedereen.”

Anderen werden veel harder geraakt dan Eva Munnik zelf
Je uitte je al snel op Twitter over het beleid rond corona. Was je toen een bezorgde moeder of kind van een ouder, simpelweg een belangstellende misschien?
„Ik denk vooral het laatste, omdat ik persoonlijk niet heel veel last van de maatregelen had. Sommige mensen werden veel harder geraakt dan ik. Zoals singles die grote moeite hadden met de avondklok en kinderen die niet naar school mochten. Kinderen met een nare thuissituatie die 24/7 binnen zaten en verwaarloosd werden. Ik had mijn gezin om me heen, maar ik verbaasde me gewoon over het beleid. Iedereen wilde natuurlijk zo snel mogelijk van corona af, maar ik vroeg me af of de genomen maatregelen wel zo goed werkten. Ik zag ook dat maatregelen schadelijk waren en het verbaasde me dat je dat bijna niet kon zeggen.”
Kreeg je veel woede over je heen?
„Veel, heel veel ja. Een voorbeeld: tijdens de eerste lockdown, in het voorjaar van 2020, was mijn vader terminaal ziek. Hij had kanker en we wisten dat het ongeneeslijk was. Het advies was toen: ga niet bij je ouders en kwetsbaren op bezoek. Ik ging mijn vader wel opzoeken, omdat hij misschien toch al niet meer lang te leven had. Hij vond het ook fijn om mij te zien en je hebt ook zoiets als kwaliteit en kwantiteit van leven. Maar toen ik dat op Twitter deelde, vonden veel mensen me belachelijk en asociaal. Ik schrok ervan en snapte best dat anderen andere keuzes maakten. Dat mag toch? Maar mensen sabelden elkaar echt neer als je er anders over dacht.”
‘Boeiend dat iedereen nu onder ede gehoord wordt’
Jouw boek gaat vooral over het beleid rond corona, net als die huidige parlementaire enquête. Wat verwacht je daar eigenlijk van?
„Ik vind dat een lastige vraag en weet dat veel mensen er vrij weinig van verwachten. De voorzitter (Daan de Kort van de VVD, red.) vind ik in ieder geval goed overkomen. De onderzoeksvragen ‘waarom hebben ze corona op bepaalde manieren aangepakt?’ en ‘was dat de goede aanpak?’ lijken me duidelijk en relevant. Het is in ieder geval boeiend dat iedereen onder ede gehoord wordt. De commissievoorzitter zegt ook te willen weten waarom kritische stemmen gesmoord werden en waarom er weinig inspraak was.”
„Dat komt natuurlijk ook heel erg naar voren in mijn boek. Zo sprak ik met de oud-burgemeester van Hilversum, Pieter Broertjes, toen ook lid van het Veiligheidsberaad met 25 grote gemeenten. Broertjes sprak zich kritisch uit. Hij maakte zich als burgemeester zorgen over maatregelen, die volgens hem geen goed effect hadden op zijn bevolking. Ook hij werd een wappie genoemd, nota bene in dat Veiligheidsberaad. En je had Mona Keijzer natuurlijk, die als staatssecretaris werd ontslagen wegens uitspraken over de coronapas. Je móest blijkbaar meegaan en meedoen, maar ik vond dat dat destructief werkte. Je wilt brede input, dan kom je tot de beste besluiten. Daarvan leer je, daarmee kom je vooruit.”
‘Goed crisismanagement vereist brede inspraak’
Maar heel lang over dingen praten en nadenken, daar was in die begintijd van corona toch helemaal geen tijd voor?
„Nou… dat vind ik dus interessant. Ik sprak met Jos de Laat, atmosfeerwetenschapper bij het KNMI. Hij heeft bij bepaalde weersomstandigheden heel vaak met crises te maken, maar hij mocht nergens over meepraten. Hij wist bijvoorbeeld dat het coronavirus zich door de lucht verspreidde, maar hij kreeg nergens gehoor. De Laat legt uit dat je bij goed crisismanagement brede inspraak moet organiseren. Hij heeft zich enorm verbaasd dat dat tijdens corona helemaal niet gebeurde. Wie verstand heeft van crisismanagement, weet dat het helemaal niet ingewikkeld is. Dat organiseer je gewoon.”
Jij stoorde je aan het feit dat al het beleid alleen maar om het tegengaan van het coronavirus ging en verder helemaal nergens om? Ik denk dan bijvoorbeeld aan ondernemers en het welzijn van kinderen.
„Ja, dat vind ik heel erg, naast het feit dat er geen brede inspraak mogelijk was. Het ging om het voorkomen van corona, zonder oog te hebben voor andere dingen in het leven en de samenleving. Je had ook kunnen zeggen: we sluiten iedereen twee jaar op in een kelder, dan is het virus wel weg. Maar dat ging veel te ver uiteraard. Ik vond het beleid in Zweden interessant, waar veel scholen open bleven en waar geen echte lockdowns werden uitgeroepen.
Zweden had uiteindelijk geen slechter resultaat dan andere Europese landen. Maar nee, in Nederland draaide het alleen om corona. Als je er iets mee kon winnen op coronagebied, dan was het een goede maatregel. Vergelijk het een beetje met cartoons van vroeger, dat een man helemaal gek werd van een muis in zijn huis. Om die muis weg te krijgen, zette hij zijn huis uiteindelijk in brand. Aan het einde zat die muis in een hoekje te lachen en het huis was een hoopje as.”

OMT dat over corona ging, was te beperkt
Ik kon best wel waardering opbrengen voor die beleidsbepalers die met de kennis van toen snel besluiten moesten nemen. Kun je dat ook begrijpen?
„Ja hoor, ik vond het ook helemaal geen slechte mensen. Verreweg de meesten zullen geen slechte intenties hebben gehad. Ik vind alleen dat ze er meer mensen bij hadden moeten betrekken. Ik vind ook dat het Outbreak Management Team (OMT, red.) te beperkt was. Het motto in mijn boek is dan ook: de grootste fout is niet dat jullie het fout hadden, de grootste fout is dat mensen die iets over een fout zeiden, neergesabeld werden. Had het breder getrokken, had meer geluisterd naar anderen. Maar ik geloof heus wel dat die beleidsbepalers hun best hebben gedaan, absoluut.”
Bij een volgende pandemie, moeten deskundigen dan jouw boek er maar bij pakken?
„Ja! Maar wat ik echt hoop – en ik ben er een beetje bang voor – is dat men na de parlementaire enquête eens heel duidelijk uitspreekt: ‘We gaan een volgende keer aan goed crisismanagement doen en bredere inspraak organiseren.’ En dat we dan geen scheldwoord bedenken voor mensen die iets anders vinden. Wat voor nut heeft zo’n scheldwoord of het uitlachen van anderen?”
Ben ik een doemdenker als ik denk dat er gewoon weer paniek is en alles hetzelfde gaat bij een volgende pandemie?
„Welnee, ik denk het namelijk ook. Maar ik heb in elk geval mijn best gedaan en een mooi boek geschreven.”
Dit zijn de best gelezen artikelen van dit moment:
- Sammie (42) in Geld maakt (niet) gelukkig: ‘Mijn ouders gingen niet goed met geld om’
- Veerle (45) betaalde 750 euro cash voor een spoedreparatie: ‘Hij ging materialen halen en kwam nooit meer terug’
- Voedselvergiftiging ligt in de zomer sneller op de loer: 4 regels die je veel leed kunnen besparen
- Tara (43) in Opgebiecht: ‘Ik flirt mijn fooi bij elkaar terwijl mijn man thuiszit’
- Eerste beelden van een nieuwe docu over Suzan & Freek: ‘Als we alles afzeggen, krijgt Freek spijt’























