Nieuws

Miriam (61) in geld maakt (niet) gelukkig: ‘Vroeger was er niet eens altijd geld voor wc-papier’

Waar de een vindt dat geld moet rollen, blijft de ander herhalen dat je geld maar één keer kunt uitgeven. En als we eerlijk zijn, wat blijft er dan over van het gezegde ‘geld maakt niet gelukkig‘? Vandaag: Miriam (61) had een pittige jeugd met weinig financiële ruimte – was het wc-papier op, dan gebruikte het gezin oude kranten. Ook in haar verdere leven kende ze periodes van financiële krapte, al krabbelde ze er steeds bovenop. Sinds een paar jaar heeft ze een erfelijke spierziekte, wat financieel ook impact heeft. „Ik heb geen miljoen euro nodig als ik daarmee mijn spierziekte kan inruilen.”

Naam: Miriam (61)
Beroep: schadebehandelaar
Woonsituatie: alleenstaand, huurwoning (860 euro huur per maand)
Netto-inkomen: 3500 euro per maand

Geld maakt (niet) gelukkig

Hoe ben je financieel opgevoed?

„Mijn ouders waren vroeger niet rijk: mijn vader werkte als elektromonteur, terwijl mijn moeder de eerste jaren vooral thuis was met de kinderen – ik heb nog een zus die drie jaar jonger is dan ik. Het was vaak beknibbelen en dat merkte ik wel, vooral als het avondeten op tafel kwam. Dat was ‘goedkoop’: denk aan bietjes met een speklapje, dan weer een ander AVG’tje, en ik gruwel nog steeds bij gebakken lever. Was het wc-papier op, dan moesten we onze billen zelfs afvegen met oude kranten, de hel. Er zijn ook jaren geweest dat ik maar weinig kleren had. Zo had ik lange tijd maar één goede broek om te dragen – daarmee werd ik op de lagere school gepest.”

Dat klinkt pittig! Hoe ging je daarmee om?

„Ik was als kind nooit zo van de confrontatie aangaan, dus ik heb er maar eens om gelachen en ben weggelopen. Ik kan me niet herinneren dat anderen er later nog vaak op terugkwamen.”

Op welke manier werd er verder thuis over geld gesproken, vroeger?

„Mijn ouders bespraken hun geldzaken niet echt met ons, maar we merkten wel dat er altijd stress was. Zo herinner ik me nog goed een keer dat we op het postkantoor waren met zo’n girobetaalkaart. Mijn ouders wilden dat inwisselen voor geld, maar dat werd geweigerd. Dikke stress, natuurlijk. Later werd de situatie wel wat beter, toen mijn moeder als schoonmaakhulp ging werken – zwart, welteverstaan. En mijn vader volgde juist allemaal opleidingen via de avondschool, om zo hogerop te komen en meer salaris te verdienen.”

Hoe kijk je nu zelf naar geld?

„Ik heb het ook niet altijd makkelijk gehad, zeker niet toen ik op mijn dertigste scheidde en alleen ging wonen met mijn toen 3-jarige dochter. Haar vader betaalde lange tijd geen bijdrage voor haar. Ik moest zelfs een deurwaarder inschakelen, maar na een paar jaar stopte hij er helemaal mee. Zeker in die tijd was het moeilijk om je recht te halen. Hoewel ik wel werkte, zat ik op bijstandsniveau. Dat veranderde toen ik de politieopleiding ging doen. Daardoor kon ik leren én verdiende ik een goed salaris. In totaal werkte ik vier jaar als agent, maar ik vond de hiërarchie er niet fijn en switchte naar bankmedewerker.

Ik verdiende beter, kreeg een nieuwe relatie én meer kinderen, al was het toen wel weer opnieuw aanpoten qua combinatie kinderen, werk en vaste lasten. Stoppen met werken heb ik echter nooit overwogen; daarvoor vond ik mijn baan te leuk. Uiteindelijk ben ik wéér geswitcht naar de functie van schadebehandelaar; dat doe ik nu nog steeds. En omdat er daar niet zoveel van zijn, verdien ik nu een leuk salaris. Fulltime, welteverstaan.”

Is er een moment geweest waarop jouw visie op geld is veranderd?

„Ja, toen ik twee jaar geleden hoorde dat ik de spierziekte van mijn vader heb geërfd. Mijn zusje heeft het niet, ik ben de ‘lucky one’. Het is een zeer zeldzame spierziekte; nog geen honderd mensen in Nederland hebben het. Het is progressief, dus het wordt alleen maar erger en er is geen behandeling. Het komt erop neer dat voornamelijk de spieren in mijn bovenbenen en armen steeds zwakker worden. Traplopen wordt steeds lastiger – als de treden te ver van elkaar staan en hoog zijn, kom ik er niet meer op. Sowieso moet ik me altijd aan een leuning omhoog hijsen.

Hardlopen en fietsen op een normale fiets kan ik niet meer – je spieren worden ook traag in ‘reageren’. Gewoon wandelen is ook een uitdaging: ik kan hooguit 2 kilometer achter elkaar in langzaam tempo lopen, daarna ben ik bekaf en moet ik zitten. Dus als je me nu vraagt: wil je heel rijk worden of je ziekte kwijt? Nou, dan weet ik het wel. Je leven wordt enorm beperkt als je zoiets hebt. Ik heb ook echt weleens gedacht: wat doe ik hier nog, hoe leuk is mijn leven nog? Dus nee, ik heb geen miljoen euro nodig als ik daarmee mijn spierziekte kan inruilen.”

Heb je ooit schulden gehad?

„Nou, in de periode dat ik alleenstaande moeder was, kende ik wel periodes van krapte. Ik moest weleens lege flessen verzamelen en statiegeldbonnetjes inleveren om eten te kunnen kopen – dat leverde stress op, en dat is niet fijn. Daarom vond ik het ook belangrijk om snel een betere baan te vinden, zodat mijn dochter en ik normaal konden eten en we een keer per jaar op simpele kampeervakantie konden gaan. In die periode moest ik ook een lening afsluiten om een auto te kunnen kopen, omdat ik voor mijn politieopleiding elke dag op en neer naar Amsterdam moest. Die heb ik overigens netjes afbetaald, en daarna heb ik nooit meer geleend.”

Vind je het belangrijk om een spaarpot achter de hand te hebben?

„Ja, ik heb ongeveer 50.000 euro aan spaargeld en iets van 26.000 euro op een beleggingsrekening. Die 26K wordt voor mij belegd, ik leg elke maand 300 euro in. Daarnaast spaar ik elke maand 250 euro om op termijn een andere auto te kunnen kopen. Mijn huidige is pas acht jaar oud en doet het prima, maar ik wil over een jaar of twee overstappen op een automaat. Die zou ik nu ook al kunnen kopen, maar ik vind het nu nog niet nodig. Bovendien vind ik het ook wel leuk om ervoor te sparen, en hem dan van dat spaargeld te betalen.”

Stelling: met 1000 euro per maand extra zou ik op de lange termijn gelukkiger zijn.

„Gelukkiger niet, denk ik, maar het maakt je leven wel makkelijker als je genoeg geld hebt. Zeker als je een ziekte hebt zoals ik. Elk hulpmiddel moet ik zelf betalen. Een rollator? Hop, 300 euro. Een wc-verhoger? Ook weer 50 euro. En dan op termijn een traplift die me 6000 euro gaat kosten, halleluja. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is niet zo scheutig, dus het wordt me best moeilijk gemaakt. Maar met 1000 euro per maand extra zou ik denk ik net iets vaker uit eten gaan, weekendjes weg boeken, kortom genieten van de leuke dingen in het leven.”

Stelling: je kunt nooit te veel geld hebben.

„Tja, met heel veel geld kun je ook goede dingen doen. Ik zou dan wel het verschil willen maken met bijvoorbeeld een mooie donatie van een ton aan KWF Kankerbestrijding, of aan Stichting Het Vergeten Kind. Of vriendinnen helpen die het nu minder goed hebben dan ik. En zelf proberen meer te genieten van alle goede dingen van het leven.”

Stelling: geld wordt meer waard als je het kunt delen.

„Het wordt niet zozeer méér waard, maar als ik zóveel geld heb dat ik het niet op kan maken, zou ik het zeker met anderen willen delen.”

Kortom: geld maakt niet gelukkig, of toch wel?

„Geld is makkelijk en geeft je ruimte – stress omdat je geen boodschappen kunt doen, is voor niemand leuk. Natuurlijk heeft het soms ook te maken met verkeerde keuzes, maar er is naar mijn mening alsnog te veel armoede in Nederland. Voor mezelf maakt heel veel geld niet per se extra gelukkig, maar het is wel makkelijk en je kunt dingen doen die je weer gelukkig maken. En toch: ik zou het uiteindelijk allemaal willen inruilen, als dat zou betekenen dat ik geen spierziekte meer heb.”

Vanwege privacy in combinatie met gevoelige onderwerpen zijn de namen gefingeerd. De echte namen zijn bekend bij de redactie.

Nieuwsgierig naar meer antwoorden op de vraag; maakt geld gelukkig? Deze edities deden het goed bij onze lezers:

  • Geld maakt (niet) gelukkig: ‘Verdien 8000 euro per maand, maar ik moet altijd iets achter de hand hebben’
  • Geld maakt (niet) gelukkig: ‘Ik verdien ruim 9000 euro netto per maand’
  • Geld maakt (niet) gelukkig: ‘Blij met ons koophuis, maar torenhoge lasten’
  • Geld maakt (niet) gelukkig: ‘Ik mis mijn simpele leven van vroeger’

What's your reaction?

Leave A Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Related Posts